Ja, een keuringsbedrijf kan apparatuur afkeuren terwijl die nog gewoon werkt. Dat gebeurt wanneer de apparatuur of de elektrische installatie wel functioneert, maar niet aantoonbaar voldoet aan de relevante veiligheidsnorm, inspectiecriteria of gebruikseisen, zoals bij een NEN-3140-certificering.
Werken is namelijk niet hetzelfde als veilig of conform. Een inspecteur beoordeelt niet alleen of iets inschakelt of produceert, maar ook of er gebreken, slijtage, onjuiste aanpassingen of brand- en aanrakingsrisico’s aanwezig zijn. Hieronder leest u op basis waarvan dat oordeel tot stand komt en wat u kunt doen bij twijfel.
Kan apparatuur worden afgekeurd terwijl die nog werkt?
Ja, apparatuur kan worden afgekeurd terwijl die nog werkt, omdat een inspectie niet alleen kijkt naar functionaliteit, maar vooral naar veiligheid, staat van onderhoud en conformiteit met de toepasselijke norm. Een apparaat kan dus nog draaien, maar toch een afkeurpunt hebben dat risico’s oplevert voor gebruikers, omgeving of bedrijfscontinuïteit.
Dat verschil is in de praktijk belangrijk. Een machine, verdeelkast of vast aangesloten installatieonderdeel kan ogenschijnlijk normaal functioneren, terwijl er bijvoorbeeld beschadigde bekabeling, onvoldoende afscherming, ondeugdelijke reparaties of verouderde beveiligingen aanwezig zijn. Bij een inspectie volgens NEN 3140 bestaat de beoordeling uit een visuele inspectie en, waar nodig, metingen of beproevingen. De vraag is dan niet alleen of iets werkt, maar of het veilig gebruikt kan worden binnen de beoogde omstandigheden.
Bij bestaande installaties en arbeidsmiddelen worden inspecties met passende regelmaat uitgevoerd om gebreken tijdig te ontdekken. Nieuwe installaties en ook wijzigingen of uitbreidingen moeten vóór ingebruikname worden geïnspecteerd. Dat is een eis uit de norm zelf, geen zelfstandige wettelijke verplichting. In de praktijk kan daarnaast ook een verzekeraar aanvullende eisen stellen, afhankelijk van de polisvoorwaarden.
Op basis waarvan keurt een inspecteur apparatuur af?
Een inspecteur keurt apparatuur af op basis van vastgestelde inspectiecriteria uit de relevante norm, de technische staat van het object en de risico’s die uit gebreken voortkomen. De afkeuring is dus gebaseerd op meetbare of zichtbare afwijkingen, niet op een subjectieve indruk of alleen op de leeftijd van de apparatuur.
Bij een inspectie wordt doorgaans gekeken naar tekeningen, specificaties, gebruiksomstandigheden en eerdere inspectiegegevens. Daarna volgt een combinatie van visuele controle en meting of beproeving. Voor eenvoudige installaties kan de aanpak beperkter zijn, maar bij complexere situaties wordt gewerkt met inspectielijsten of meetprotocollen.
- beschadigde behuizing, kabels of aansluitingen
- ontbrekende afscherming of aanrakingsbeveiliging
- ondeugdelijke aarding of beveiliging
- sporen van verhitting, vervuiling of slijtage
- onjuist uitgevoerde uitbreidingen of aanpassingen
- afwijkingen ten opzichte van ontwerp, specificaties of norm
Bij elektrische arbeidsmiddelen en installaties speelt ook de gebruiksomgeving mee. Het inspectie-interval en de beoordeling hangen onder meer af van leeftijd, kwaliteit ten opzichte van actuele normen, omgevingsomstandigheden, gebruikersgroep, mate van toezicht, gebruiksfrequentie en kans op beschadiging. Daardoor kan dezelfde soort apparatuur in een schone kantooromgeving anders worden beoordeeld dan in een vochtige, stoffige of intensief gebruikte productieomgeving.
Als een gebrek direct gevaar oplevert, moet het betreffende onderdeel uit bedrijf worden genomen of direct worden hersteld. De inspectieresultaten moeten vervolgens worden vastgelegd, inclusief de passende vervolgmaatregelen.
Wat is het verschil tussen een defect en een afkeurpunt?
Een defect is een storing of beschadiging waardoor apparatuur niet goed meer functioneert of uitvalt. Een afkeurpunt is een geconstateerde afwijking waardoor apparatuur of een installatie niet voldoet aan de inspectie-eisen, ook als de werking op dat moment nog normaal lijkt.
Dat onderscheid voorkomt veel misverstanden. Wie alleen naar de dagelijkse werking kijkt, denkt vaak dat er pas een probleem is als iets stopt. Een inspecteur kijkt breder en beoordeelt ook latente risico’s. Een loszittende aansluiting kan bijvoorbeeld nog geen storing geven, maar wel warmteontwikkeling veroorzaken. Een ontbrekende trekontlasting kan nog geen uitval geven, maar wel leiden tot beschadiging van de aansluiting. In zulke gevallen is er mogelijk nog geen defect, maar wel een afkeurpunt.
Praktisch gezien betekent dit:
- een defect gaat over functioneren
- een afkeurpunt gaat over veiligheid, conformiteit of betrouwbaarheid
- een defect kan direct zichtbaar zijn in gebruik
- een afkeurpunt wordt vaak pas zichtbaar tijdens inspectie of meting
Bij twijfel over de veiligheid van een arbeidsmiddel geldt dat het niet gebruikt mag worden. Zeker bij complexe arbeidsmiddelen met veiligheidsfuncties, zoals productielijnen of installaties met meerdere gekoppelde onderdelen, is periodieke beoordeling belangrijker dan alleen reageren op storingen.
Kun je een afkeuring aanvechten of laten herbeoordelen?
Ja, een afkeuring kan in veel gevallen worden besproken, onderbouwd worden bevraagd of na herstel opnieuw worden beoordeeld. Een herbeoordeling is vooral zinvol als onduidelijk is welke norm is toegepast, welke afwijking precies is vastgesteld of of de situatie sinds de inspectie is aangepast.
De meest praktische stap is om het inspectierapport zorgvuldig te bekijken. Een goed rapport bevat minimaal een omschrijving van de installatie of het arbeidsmiddel, de uitgangspunten van de inspectie, de datum en de geconstateerde afwijkingen. Daarmee kunt u gericht nagaan of het afkeurpunt feitelijk klopt en of het gaat om een direct veiligheidsrisico of om een herstelpunt zonder acuut gevaar.
Bij een herbeoordeling helpt het om deze vragen te stellen:
- welke norm of welk inspectiekader is gebruikt
- welk concreet onderdeel is afgekeurd
- gaat het om een direct gevaar of een afwijking zonder direct gevaar
- welke herstelmaatregel is nodig om goedkeuring te krijgen
- is een volledige herinspectie nodig of alleen controle van het herstel
Ook is het verstandig om na te gaan of er sinds een eerdere goedkeuring iets is veranderd. Een verbouwing, uitbreiding van het gebouw, wijziging van de installatie of uitbreiding van het machinepark kan de geldigheid van een eerdere verklaring beïnvloeden. In zulke situaties kan een nieuwe of aanvullende keuring nodig zijn. Als ook verzekeringseisen een rol spelen, is afstemming met de verzekeringsadviseur verstandig, omdat polisvoorwaarden kunnen afwijken van de norm zelf.
Hoe helpt EKCN bij vragen over afgekeurde maar werkende apparatuur?
Bij vragen over afgekeurde maar nog werkende apparatuur helpt EKCN door de afkeurpunten concreet te vertalen naar begrijpelijke risico’s, normcriteria en vervolgstappen. Zo wordt duidelijk of het gaat om direct gevaar, een herstelbaar afkeurpunt of een situatie waarin aanvullende inspectie nodig is.
- EKCN beoordeelt inspecties van elektrische installaties en arbeidsmiddelen op basis van duidelijke rapportages en meetresultaten
- EKCN kan toelichten welke keuring past bij de situatie, zoals NEN 3140, NEN 1010, Scope 8, Scope 10 of Scope 12
- EKCN werkt als onafhankelijke inspectiepartij en richt zich op heldere communicatie zonder onnodig technisch jargon
- EKCN houdt keuringsdata bij, zodat vervolginspecties tijdig kunnen worden ingepland
- EKCN kan meedenken wanneer een verbouwing, uitbreiding of wijziging invloed heeft op een eerdere verklaring
Wilt u een afkeuring laten toelichten, een herinspectie plannen of vooraf bespreken welke keuring nodig is? Neem dan contact op via de contactpagina of vraag direct een offerte aan.